Kernpunten
Dosering- & reconstitutiegids
Standaardprotocol (5 mL = 100 mg/mL)
Een vial van 500 mg opgelost in 5 mL bacteriostatisch water geeft een concentratie van 100 mg/mL. Reken je eigen verdunning uit →
Reconstitutiestappen
- Laat de vial op kamertemperatuur komen en was je handen.
- Desinfecteer beide rubberen doppen met een alcoholdoekje.
- Trek 5 mL bacteriostatisch water op.
- Spuit het water langzaam langs de glaswand, niet direct op het poeder.
- Zwenk zachtjes tot de oplossing helder is — nooit schudden.
- Label de vial met datum en concentratie en bewaar gekoeld.
Benodigdheden
- NAD+ vial (500 mg)
- Bacteriostatisch water
- Mengspuit (1–3 mL) en U-100 insulinespuiten
- Alcoholdoekjes en naaldcontainer
Protocoloverzicht
Duur
4–8 weken
Toediening
Subcutaan of intramusculair
Timing
Ochtend (kan energie geven)
Doseringsschema in onderzoek
| Fase | Dosis | Frequentie |
|---|---|---|
| Start | 50 mg | 2–3× per week |
| Standaard | 100 mg | 2–3× per week |
Waarden zoals beschreven in literatuur en onderzoeksprotocollen; geen doseringsadvies.
Bewaarinstructies
- Gevriesdroogd (poeder): koel, droog en donker; langdurig bij −20 °C.
- Na reconstitutie: koelkast bij 2–8 °C, binnen ~4 weken gebruiken.
- Vermijd herhaald invriezen en ontdooien.
Belangrijke opmerkingen
- Klinische effecten van suppletie zijn nog onzeker.
Hoe het werkt
NAD+ (nicotinamide-adenine-dinucleotide) is een molecuul dat in elke levende cel voorkomt. Hoewel het vaak in één adem met peptiden wordt genoemd, is het technisch gezien een co-enzym. Wetenschappers bestuderen NAD+ omdat de concentratie ervan in weefsels afneemt naarmate organismen ouder worden.
In de cel fungeert NAD+ als een essentiële elektronendrager tijdens de glycolyse en de citroenzuurcyclus. Het stelt mitochondriën in staat om voedingsstoffen om te zetten in ATP, de primaire energiebron van de cel. Daarnaast dient het als noodzakelijk substraat voor sirtuïnes en PARP-enzymen, die betrokken zijn bij epigenetische regulatie en het herstel van beschadigd DNA. Het molecuul komt voor in twee vormen: de geoxideerde vorm (NAD+) en de gereduceerde vorm (NADH). De verhouding tussen deze twee is bepalend voor de metabole gezondheid van de cel. Na toediening wordt NAD+ snel afgebroken en omgezet door enzymen zoals CD38.
Klinisch onderzoek naar NAD+ heeft zich tot nu toe vooral gericht op hoge doses via intraveneuze infusen voor verslavingszorg en acute metabole ondersteuning. Subcutane injecties in lagere doses (50-100 mg) zijn een recenter onderzoeksgebied voor onderhoudsprotocollen. Studies bij knaagdieren laten verbeteringen zien in de insulinegevoeligheid en spierfunctie, maar robuuste menselijke data over langetermijneffecten ontbreken nog. De stof staat niet op de WADA-verbodslijst, al zijn intraveneuze infusen aan strikte regels gebonden voor atleten. Open vragen blijven bestaan over de optimale dosering en de biologische beschikbaarheid van verschillende toedieningsvormen.
Mogelijke effecten & bijwerkingen
Beschreven effecten in onderzoek
- Verhoogde NAD+-spiegels
- Ondersteuning mitochondriale functie
- Substraat voor sirtuïnes
Veelgemelde bijwerkingen
- Blozen
- Misselijkheid
- Drukkend gevoel op de borst
- Krampen
Bij snelle toediening kunnen bijwerkingen optreden zoals misselijkheid, blozen (flushing) en een drukkend gevoel op de borst. Lagere subcutane doses worden meestal beter verdragen, al zijn lokale irritatie op de injectieplaats, vermoeidheid of slapeloosheid gerapporteerd. Er zijn geen gegevens over de veiligheid bij langdurig gebruik over meerdere jaren.
Contra-indicaties
- Zwangerschap of borstvoeding
- Actieve of eerdere kanker
- Onder de 18 jaar
Leefstijlfactoren
- Houd een logboek bij van doses, tijdstippen en ervaren effecten.
- Voldoende slaap, hydratatie en een stabiel voedingspatroon.
Injectietechniek
- Kies een plek met onderhuids vet: buik (5 cm naast de navel), dij of achterkant bovenarm.
- Desinfecteer, knijp een huidplooi en prik onder een hoek van 45–90°.
- Spuit langzaam in, wacht 5 seconden en trek de naald terug.
- Roteer injectieplaatsen en gebruik elke naald één keer.
Aanbevolen bron
Kwaliteit verschilt sterk per leverancier. Let op een onafhankelijk HPLC/MS-labrapport per batch, zuiverheid ≥ 98% en duidelijke opslag- en verzendcondities.
Wij gebruiken als referentie de NAD+ van PeptideWinkel, dat per batch labrapporten publiceert.
Stel een vraag over NAD+
Antwoord op basis van onze catalogus. Geen medisch advies — producten zijn uitsluitend voor onderzoek.
Log in om een vraag te stellen.
Veelgestelde vragen
Waarom moet de dosis bij injectie langzaam worden opgebouwd?
Een geleidelijke opbouw, of titratie, helpt het lichaam te wennen aan het co-enzym. Direct starten met een hoge dosis kan leiden tot acute misselijkheid, angst of vermoeidheid.
Hoe moet NAD+ in poedervorm bewaard worden?
Ongeopend poeder blijft het meest stabiel in de vriezer bij -20 °C. Zodra het is opgelost in bacteriostatisch water, moet het in de koelkast (2-8 °C) worden bewaard en binnen 14 dagen worden gebruikt.
Is NAD+ hetzelfde als vitamine B3?
Nee, maar ze zijn wel nauw verwant. Vitamine B3-varianten zoals nicotinamide riboside (NR) zijn voorlopers (precursors) die het lichaam gebruikt om zelf NAD+ aan te maken.